NIEUWS IN DETAIL

Verlofsparen verdubbeld en uitgebreid van 50 naar 100 weken

Om werknemers meer mogelijkheden te bieden om verlof te gebruiken voor om- en bijscholing, een sabbatical of vervroegde pensionering is de vrijstelling voor verlofsparen uitgebreid van 50 weken naar 100 weken met ingang van 1 januari 2021.

Geplaatst op: 07-07-2021

Om werknemers meer mogelijkheden te bieden om verlof te gebruiken voor om- en bijscholing, een sabbatical of vervroegde pensionering is de vrijstelling voor verlofsparen uitgebreid van 50 weken naar 100 weken met ingang van 1 januari 2021.

De hoofdregel is dat alles wat een werknemer ontvangt uit de dienstbetrekking bij u, behoort tot het loon. Hierbij hoort ook de aanspraak op verlof.

Volgens de regels moet de aanspraak op verlof worden belast. Dit betekent dat het gespaarde verlof dan direct belast moeten worden en bij latere uitbetaling wordt het verlof onbelast opgenomen.

Dit is niet wenselijk en daarom is voor verlofaanspraken een uitzondering opgenomen in de vorm van een (beperkte) vrijstelling.

Verlofaanspraak

Als de verlofaanspraak niet meer bedraagt dan 50 maal de werkelijke arbeidsduur vindt er geen directe belastingheffing plaats over deze aanspraak. Als er sprake is van een fulltime dienstbetrekking zou een werknemer 50 weken kunnen sparen en bijna een jaar eerder kunnen stoppen met werken.

Met ingang van 1 januari 2021 is de (beperkte) vrijstelling verhoogd van 50 weken naar 100 weken bij een fulltime dienstbetrekking.

Voordelen van verlofsparen

Opgebouwd verlof mag op alle momenten worden opgenomen en kan worden ingezet voor duurzame inzetbaarheid, zoals bijscholing en omscholing of (gedeeltelijk) eerder te stoppen met werken.

Nadelen van verlofsparen

Hoewel de overheid de vrijstelling heeft verruimd wordt verlofsparen in de praktijk beperkt. Volgens de reguliere regels vervallen wettelijke verlofrechten 6 maanden na het jaar van opbouw. Bovenwettelijke verlofrechten vervallen in beginsel na vijf jaar.

Daarom is het noodzakelijk om hierover nadere afspraken te maken in het pensioenakkoord anders is uitbreiding naar 100 weken een onhaalbare kaart voor veel werknemers.

Ook het faillissementsrisico van werkgever en het (niet) mee kunnen nemen van opgebouwde verlofrechten naar een andere werkgever wordt als nadeel ervaren.